Borg staan voor de onderneming van uw (schoon)zoon of -dochter? Voorzichtigheid geboden!

 

Het is niet ongebruikelijk dat u als ouder gevraagd wordt om borg te staan, wanneer uw (schoon)zoon of -dochter een onderneming wenst te starten en krediet van een derde nodig heeft.  Indien u dat in uw privéhoedanigheid doet, is er volgens de wet sprake van particuliere borg, dit in tegenstelling tot professionele borg. Een particuliere borgstelling is niet zonder risico’s: wanneer uw zoon of dochter zijn of haar betalingsverplichtingen niet nakomt, dan is de kans groot dat de kredietverstrekker bij u aan de deur komt kloppen.


Dit was ook het geval in een procedure die onlangs door de rechtbank Midden-Nederland werd behandeld. Het ging om een overbruggingskrediet van € 150.000,-  dat werd verstrekt vanwege de uitbreiding van de activiteiten van de eenmanszaak van de schoondochter. De persoonlijke borgstelling van de ouders werd vastgelegd in een akte van borgstelling, die aan de overeenkomst van geldlening werd gehecht. Helaas kwam het doemscenario uit en ging de schoondochter failliet. De ouders waren ongetwijfeld not amused toen zij door de kredietverstrekker werden aangesproken tot betaling van de genoemde anderhalve ton en deden een beroep op dwaling.

 

Immers, de ouders waren zelf niet aanwezig geweest bij de ondertekening van de akte van borgstelling; enkel een voor de ouders onbekende medewerker van de notaris was aanwezig. Daarbij was de borgtochtovereenkomst opgesteld door een bekende van de kredietverstrekker, zijnde een financieel adviseur.

 

De ouders beroepen zich (onder meer) op vernietiging van de borgtochtovereenkomst op grond van dwaling. Zij vinden dat zij gedwaald hebben bij de totstandkoming van de borgtocht. De rechtbank gaat daarin mee: het is immers de gedachte van de wetgever geweest om aan de particuliere borg bijzondere bescherming te geven. Een particuliere borg sluit immers de borgtochtovereenkomst niet uit zakelijke motieven maar op grond van diens persoonlijke relatie met de hoofdschuldenaar (zijnde de zoon of dochter). Om die reden heeft een particuliere borg vaak niet het inzicht dat nodig is voor het beoordelen van de gevolgen van de borgtochtovereenkomst. Het gevaar van ondoordachtheid of misplaatst vertrouwen in een goede afloop ligt dan al snel op de loer.

 

In deze procedure kwam de dwaling van de ouders dan ook voor risico van de kredietverstrekker. Die had immers een bepaalde achtergrond, kennis en ervaring en had zich door een financieel adviseur laten bijstaan. Daarentegen waren de ouders niet bijzonder deskundig op het gebied van financiering en zekerheden en de risico’s die daaraan kleven.

 

Kortom: de kredietverstrekker was – beter dan de ouders – in staat om te beoordelen wat het risico voor de ouders als particuliere borg inhield. Om die reden had de kredietverstrekker de ouders moeten inlichten over de inhoud van de overeenkomst van borgtocht en de daaraan verbonden risico’s. Zeker nu de ouders in goed vertrouwen en onder grote tijdsdruk de overeenkomst van borgtocht zijn aangegaan. De kredietverstrekker had dan ook de borgtochtovereenkomst moeten laten controleren door de ouders, zodat hij er zeker van was dat zij begrepen dat zij het risico op zich namen om voor maar liefst € 150.000,- te kunnen worden aangesproken, wanneer hun zoon en schoondochter niet zouden betalen.

 

De volledige uitspraak kunt u hier rustig nalezen.

 

Het liep voor de ouders in deze zaak dus uiteindelijk goed af. We raden u echter aan om liever vooraf goed in kaart te laten brengen welke risico’s verbonden zijn aan het ondertekenen van een borgtochtovereenkomst. Bezint eer ge begint, zeker als het een persoonlijke borg betreft. Bij SPEE advocaten & mediation helpen wij u hiermee graag een handje.