Kunnen medebezitters van dieren elkaar aansprakelijk stellen voor schade?

 

Een stel, getrouwd in gemeenschap van goederen, maakt samen met hun dochter een rit met een koets. Deze koets wordt voortgetrokken door het paard dat eigendom is van het stel. De echtgenote zit rechtsvoor op de bok als koetsier, de echtgenoot zit links voorin en assisteert haar. Achterin de koets zit hun dochtertje. Als het paard onrustig wordt, vraagt de echtgenote haar man om naast het paard te gaan lopen. Deze gaat links naast het paard lopen, met zijn rug naar de koets toe, om het paard te kalmeren. In tegengestelde richting komt een auto, die stil blijft staan wanneer hij ziet dat het paard onrustig is. Vervolgens wordt de man door het paard tegen de stilstaande auto aangedrukt, waarna de koets over zijn benen is gereden. Hierdoor loopt de man ernstig letsel op: zijn rechterbeen is verbrijzeld en moet tot boven de knie geamputeerd worden.

 

Eerst spreekt de man tevergeefs zijn eigen aansprakelijkheidsverzekering en de WAM-verzekeraar van de betrokken auto aan. Vervolgens stelt hij zijn echtgenote en de verzekeraar waar zij een koetsiersverzekering heeft afgesloten aansprakelijk. Hij stelt hen aansprakelijk op grond van art. 6:179 BW. Dit artikel ziet op de aansprakelijkheid van de bezitter van een dier. Door de koetsiersverzekeraar wordt de aansprakelijkheid afgewezen en daarop start de man een deelgeschilprocedure. Door de rechter in deze procedure wordt het verzoek van de man toegewezen. Hij kan zijn schade dus verhalen op de koetsiersverzekering van zijn echtgenote. De verzekeraar is het niet eens met deze beslissing en vordert in hoger beroep dat de beschikking vernietigd wordt en dat het verzoek van de man wordt afgewezen.

 

Het Gerechtshof Den Haag moet hierover gaan oordelen.

 

De man heeft ter onderbouwing van zijn verzoek gesteld dat zijn echtgenote tijdens het ongeval, in haar hoedanigheid als koetsier, op grond van haar koetsiersverzekering verzekerd was tegen wettelijke aansprakelijkheid. Het betreft, aldus de man, een bijzondere aansprakelijkheidsverzekering voor particulieren, op grond waarvan alléén zijn echtgenote, als houdster van een koetsiersbewijs, verzekerd is. Daarom is zij volgens hem volledig aansprakelijk voor de schade die derden lijden. Het feit dat de man mede-bezitter van het paard is staat daar, anders dan bij een gewone particuliere aansprakelijkheidsverzekering, niet aan in de weg.

 

De verzekeraar beroept zich op een arrest van de Hoge Raad (HR 29 januari 2016, ECLI:NL:HR:2016:162 (Imagine)). Daarin oordeelde de HR dat een medebezitter van een dier niet aansprakelijk gesteld kan worden voor de schade die dat dier veroorzaakt. Daarbij komt dat de regel uit een ander arrest (ECLI:NL:HR:2010:BM6095 (het Hangmatarrest)), waarin de ene bezitter de ander aansprakelijk kon stellen voor een gebrekkige opstal, in deze niet van toepassing is.

 

Door de deelgeschilrechter werd het verzoek van de man dus toegewezen, maar het hof oordeelt anders.  

 

Volgens de rechter sprak de man zijn echtgenote aan in de hoedanigheid van koetsier, in welke hoedanigheid zij verzekerd is via de koetsiersverzekering. Die verzekering geldt alleen ten opzichte van de echtgenote en niet ten opzichte van de echtgenoot. De verzekering ziet dus, aldus de deelgeschilrechter, niet op het bezit van het dier, maar op de hoedanigheid van koetsier.

 

Door het hof wordt overwogen dat uit de stukken niet blijkt dat de man zijn echtgenote aansprakelijk stelt in haar hoedanigheid als koetsier. Hij baseert zijn vordering namelijk op artikel 6:179 BW, waarin de risicoaansprakelijkheid voor dierenbezitters is neergelegd. Hij heeft haar niet aansprakelijk gesteld voor een door haar gemaakte fout tijdens het besturen van de koets.

 

Volgens het hof is de medebezitter bekend met de risico’s die deelname aan het wegverkeer met een dier met zich meebrengen en zijn de bezitters ook op de hoogte van de onberekenbare energie van een dier. De man had zijn eigen schade kunnen verzekeren, bijvoorbeeld door het afsluiten van een ongevallen- of arbeidsongeschiktheidsverzekering.

 

De man kan zijn echtgenote, als medebezitter van het paard, dus niet aansprakelijk stellen voor de door hem geleden schade.

 

Heeft u vragen of advies nodig? Neem dan gerust contact op met een van onze advocaten. Wij staan u graag met raad en daad ter zijde!