Tegenstrijdig belang als bestuurder van een BV, hoe zat dat ook alweer?

 

De situatie kan zich voordoen dat u als bestuurder van een BV een tegenstrijdig belang heeft. Dat wil zeggen dat er een conflict kan bestaan tussen het besluit dat u als bestuurder van de BV zult gaan nemen, en uw eigen persoonlijke belang.

 

De vraag óf er sprake is van een tegenstrijdig belang, is voer voor jurisprudentie en niet altijd makkelijk te beantwoorden. Uitgangspunt is dat er gekeken moet worden of de bestuurder – alle relevante omstandigheden in aanmerking genomen – in staat moet worden geacht om de belangen van de BV en de daarmee verbonden onderneming te bewaken op een wijze die van een integer en objectief bestuurder mag worden verwacht. Een transactie waarbij u als bestuurder namens de BV optreedt en waarin de BV een overeenkomst sluit met u als privépersoon, en bijvoorbeeld een zaak van de BV voor een lage prijs aan u in privé wordt verkocht, is reden om waakzaam te zijn.

 

Stel dat zich een mogelijke situatie van tegenstrijdig belang voordoet, hoe moet u dan wettelijk gezien handelen?

 

De wet (artikel 2:239 lid 6 BW) schrijft hierover voor dat u als bestuurder niet mag deelnemen aan de beraadslaging en besluitvorming indien u daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming. Met andere woorden, u moet zich dan onthouden van deelnemen aan de besluitvorming. Voor de andere bestuurders (die niet geconflicteerd zijn) geldt dat uiteraard niet.

 

Vervolgens zegt de wet dat wanneer door de aanwezigheid van een tegenstrijdig belang geen bestuursbesluit kan worden genomen (omdat álle bestuurders geconflicteerd zijn), het besluit door de raad van commissarissen van de BV wordt genomen. Indien er geen raad van commissarissen is ingesteld, wordt het besluit genomen door de algemene vergadering (de aandeelhouders dus), tenzij de statuten anders bepalen.

 

Kortom: primair is de raad van commissarissen aan zet, maar als die er niet is (en dat zal in het MKB vaker het geval zijn), is het aan de aandeelhouders om het besluit te nemen. U kunt ook een statutaire regeling treffen. De statuten kunnen bijvoorbeeld bepalen dat het besluit moet worden opgedragen aan een persoon die deel uitmaakt van een orgaan van de BV of die op een andere wijze bij de organisatie van de BV is betrokken.

 

De niet-naleving van de wettelijke regels over tegenstrijdig belang, maakt een besluit overigens vernietigbaar en onder omstandigheden zelfs nietig, indien volgens de wet het verkeerde orgaan van de BV het besluit heeft genomen.

 

Voor MKB-bedrijven biedt deze wettelijke regeling helaas niet altijd uitkomst. Immers, bij kleinere ondernemingen is de enig aandeelhouder en de statutair bestuurder vaak één en dezelfde persoon en is er geen raad van commissarissen aanwezig. Situatie “me, myself and I”. Er wordt om die reden door rechtsgeleerden gepleit voor een aangepaste regeling. Mocht die er komen, dan hoort u dat natuurlijk van ons.

 

Vragen over besluitvorming of tegenstrijdig belang? Het besluit om naar de ondernemingsrechtspecialisten van SPEE advocaten te gaan, is snel genomen. Neemt u gerust contact met ons op.