Wél of niet een minimumtarief voor zzp’ers en hoe staat het ervoor met de zelfstandigenverklaring?

 

Het kabinet heeft onlangs kenbaar gemaakt af te zien van twee van de drie aangekondigde maatregelen voor zzp’ers. Het minimumtarief voor zzp’ers van € 16,- per uur én de zelfstandigenverklaring voor ZZP’ers met een hoog uurtarief, worden niet verder uitgewerkt. De webmodule om te beoordelen of al dan niet gewerkt wordt buiten dienstbetrekking, gaat naar verwachting in het najaar in de vorm van een vrijwillige pilot online.

 

De overheid heeft in 2019 een aantal maatregelen aangekondigd rondom het zzp-beleid. De bedoeling van deze maatregelen was, om de positie van zzp’ers te verbeteren en de rechtsverhouding tussen opdrachtgever en opdrachtnemer te verduidelijken, zodat er meer zekerheid zou komen over het al dan niet bestaan van een dienstbetrekking/arbeidsovereenkomst. Er werden drie maatregelen voorgesteld:

 

  1. Een minimumtarief voor zzp’ers van € 16,- per uur;
  2. Een zelfstandigenverklaring voor zzp'ers met een hoog uurtarief;

en

  1. Een webmodule om te beoordelen of er gewerkt wordt buiten dienstbe–trekking: de opdrachtgeversverklaring.

 

Inmiddels is uit de Kamerbrief Voortgangsbrief “Werken als zelfstandige” gebleken, dat er sprake is van een aantal aanzienlijke knelpunten ten aanzien van het minimumtarief en de zelfstandigenverklaring.

 

Deze maatregelen zouden voor veel onduidelijkheid zorgen, grote administratieve lasten met zich meebrengen, niet uitvoerbaar en handhaafbaar zijn voor de uitvoerende instanties én er zou geen draagvlak voor zijn.

 

Omdat er op dit moment geen goede alternatieve voor deze maatregelen voorhanden zijn, heeft het kabinet besloten deze twee maatregelen niet verder uit te werken.

 

Dit betekent dan ook dat er géén minimumtarief voor zpp’ers zal komen en ook géén zelfstandigenverklaring voor zzp’ers met een hoog uurtarief. De volledige Kamerbrief vindt u hier.

 

De derde maatregel, namelijk de webmodule, wordt wél verder uitgewerkt. De bedoeling van de webmodule is, om duidelijkheid te verkrijgen ten aanzien van de vraag of in een individueel geval sprake is van werken in of buiten dienstbetrekking (oftewel: is er wél of niet sprake van een arbeidsovereenkomst). Is er volgens de webmodule sprake van werken buiten dienstbetrekking, dan wordt een opdrachtgeversverklaring afgegeven. Daarmee heeft de opdrachtgever zekerheid dat géén loonheffing hoeft te worden ingehouden en afgedragen, maar ook dat er geen premies voor werknemersverzekeringen hoeven te worden afgedragen. Uiteraard geldt dit alleen, voor zover de webmodule naar waarheid wordt ingevuld. De webmodule bevindt zich momenteel nog in de testfase, maar het ligt in de lijn der verwachtingen dat er vanaf het najaar een pilot online gaat, die vrijwillig te gebruiken is.


Verder nog kort aandacht voor de handhaving van de Wet DBA (Wet deregulering beoordeling arbeidsrelatie). De handhaving van de Wet DBA is vanwege de oorspronkelijk aangekondigde maatregelen, opgeschort tot 1 januari 2021. Tot die tijd wordt alleen gehandhaafd indien er sprake is van kwaadwillendheid (er moet dan sprake zijn van een dienstbetrekking en evidente of opzettelijke schijnzelfstandigheid (én wanneer opdrachtgevers de aanwijzingen van de Belastingdienst niet opvolgen binnen een redelijke termijn)).

 

Voornoemde Kamerbrief brengt hierin geen wijziging. Dit najaar, zal het kabinet een beslissing nemen op de vraag of het huidige handhavingsbeleid al dan niet verlengd zal worden.

 

Met deze column beogen wij u kort op de hoogte te brengen van de belangrijkste ontwikkelingen rondom het zzp-beleid. Heeft u naar aanleiding hiervan nog vragen of behoefte aan advies? Neem dan gerust contact op met een van onze advocaten.