Werkgeversaansprakelijkheid: instructies opstellen in een vreemde taal?

 

Als een werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden een bedrijfsongeval overkomt en hierdoor schade lijdt, dan is de werkgever in principe hiervoor aansprakelijk, tenzij de werkgever kan aantonen dat zij niet tekort is geschoten in haar zorgplicht.

Of de werkgever aan haar zorgplicht voldaan heeft, zal per geval verschillen. Van belang is dat de werkgever zorgt voor een veilige werkplek en haar werknemers (veiligheids)instructies meegeeft en ook toeziet op de naleving daarvan. Maar wat nu als de (veiligheids)instructies alleen in het Nederlands worden gegeven en de werknemer de Nederlandse taal onvoldoende beheerst?

Dat speelde in een zaak waarover de rechtbank Overijssel moest oordelen. Het betrof in die zaak een Hongaarse werknemer die als uitzendkracht bij een vleesverwerkingsbedrijf werkzaamheden verrichtte. Eerst hield hij zich bezig met het verpakken en vacuüm trekken van vleesproducten, en later ging hij werkzaamheden verrichten op de slachtbaan. Vier weken nadat de werknemer begonnen was met het verrichten van werkzaamheden op de slachtbaan gebeurde daar ook het bedrijfsongeval, toen hij zichzelf met een slagersmes diep in zijn linkerarm sneed. De werknemer loopt daarbij letselschade op en stelt zijn werkgever daarvoor aansprakelijk.

De werkgever betwist aansprakelijk te zijn voor het bedrijfsongeval. Volgens de werkgever is er op het zaagbordes, waar de werknemer werkzaam was, een stopknop aanwezig. De werknemer had de knop ook kunnen gebruiken als er extra tijd nodig is. De werknemer had geen gebruik gemaakt van de stopknop. Verder stelt werkgever onder meer dat de werknemer ervaring had en dat hij ‘training on the job’ had gekregen van een Poolse collega.

De werknemer beroept zich erop dat hij de Hongaarse nationaliteit heeft en de Nederlandse taal niet machtig is. Zonder enige opleiding of ervaring op het gebied van slachten en zonder noemenswaardige instructie is hij door de werkgever tewerkgesteld op de slachtbaan. Meer in het bijzonder heeft de werknemer geen mesvaardigheidstraining en geen veiligheids- of werkinstructies gehad voor het gebruik van een mes op de werkplaats. Evenmin heeft hij uitleg gehad over het bestaan en de wijze van gebruik van de stopknop.

De kantonrechter oordeelt als volgt. Uit de binnen de Vleessector geldende richtlijnen, en ook uit de wet, volgt dat een werkgever niet alleen moet zorgen voor een veilige werkplek (inclusief noodstopvoorziening en beschermingsmiddelen), maar óók dat haar werknemers (uitzendkrachten en tijdelijke arbeidskrachten inbegrepen) voldoende zijn geïnstrueerd en getraind in mesvaardigheid én voldoende voorlichting hebben gehad over het veilig werken met messen. De voorlichting, instructie en begeleiding op het gebied van arbeidsomstandigheden dient goed afgestemd te zijn op de doelgroep en dus ook geschikt voor medewerkers die de Nederlandse taal niet machtig zijn. Zo nodig moet de voorlichting en instructie in een vreemde taal gebeuren. Partijen discussiëren erover of werkgever de werknemer instructies gegeven heeft over het gebruik van de stopknop. De kantonrechter oordeelt dat zelfs wanneer de werkgever deze instructie al gegeven zou hebben, dit de werkgever nog niet kan baten. Een eventuele mondelinge instructie afkomstig van een Poolse medewerker in het geval van werknemer, die de Hongaarse nationaliteit heeft en de Nederlandse taal niet (voldoende) beheerst, is volgens de kantonrechter namelijk onvoldoende.

Kortom, door de Hongaarse werknemer niet in een vreemde taal te instrueren, heeft de werkgever niet voldaan aan haar zorgplicht en wordt de werkgever aansprakelijk geacht voor het bedrijfsongeval.

In de meeste bedrijven wordt er keurig voor gezorgd dat de werkplek veilig is én dat de werknemer persoonlijke beschermingsmiddelen ontvangt om veilig zijn werk te kunnen doen. En meestal krijgen de werknemers ook netjes veiligheidsinstructies mee. Maar in de praktijk blijkt dat er soms onvoldoende toezicht wordt gehouden of de werknemers ook netjes volgens de veiligheidsinstructies werken. En ook wordt niet altijd stil gestaan bij de vraag of de veiligheidsinstructies duidelijk zijn en of de werknemers deze begrijpen. Dat een werkgever dit duur kan komen te staan, blijkt uit de in dit artikel aangehaalde uitspraak van de rechtbank Overijssel. Eerder heeft overigens ook het gerechtshof ’s-Hertogenbosch geoordeeld dat op de werkgever een verificatieverplichting rust. In die zaak werd de werkgever aansprakelijk geacht omdat hij nagelaten had zijn werknemers te instrueren om elkaar niet alleen te waarschuwen, maar ook op te letten dát de andere collega de waarschuwing ook daadwerkelijk gehoord/begrepen had. Ook hierover hebben we een artikel geschreven op onze website.

Zeker voor werkgevers hier in de Euregio is het goed om uw veiligheidsinstructies nog eens goed onder de loep te nemen en na te gaan of deze wel duidelijk genoeg zijn voor al uw werknemers.

Heeft u vragen over werkgeversaansprakelijkheid? Bijvoorbeeld over bedrijfsongevallen en beroepsziekte? Neem dan gerust contact op met een van onze arbeidsrechtadvocaten. Als arbeidsrechtadvocaat staan wij u graag met raad en daad ter zijde!

De betreffende uitspraak kunt u hier volledig lezen.